• Blog
  • Pensioen

PGGM-onderzoek: er is behoefte aan eenmalige uitkering

​Er is behoefte aan een eenmalige uitkering bij pensionering, dat blijkt uit onderzoek door PGGM onder pensioendeelnemers.
Niels Kortleve 480X480 Pggm

Niels Kortleve

Innovatiemanager
20160518 Pggm Onderzoek

Met name deelnemers met lagere pensioeninkomens, slechte gezondheidsstatus en met kinderen hebben een voorkeur voor een eenmalige uitkering. Door een eenmalige uitkering aan te bieden naast de bestaande mogelijkheden kunnen deelnemers hun pensioen beter afstemmen op hun persoonlijke situatie.

Nederlandse pensioendeelnemers hebben beperkte keuze betreft hun pensioenuitkering. Een optie om meer flexibiliteit te introduceren is om deelnemers de mogelijkheid te bieden om (een gedeelte van) het opgebouwde pensioen eenmalig uitgekeerd te krijgen op de pensioendatum – een mogelijkheid die in veel Europese landen al bestaat. Onderzoeken uit andere landen tonen aan dat deelnemers de flexibiliteit van en eenmalige uitkering op pensioendatum positief waarderen, omdat ze daardoor hun pensioen beter kunnen afstemmen op hun behoeften.

Drie mogelijkheden vergeleken
Onderzoek door PGGM onder 1.744 pensioendeelnemers net voor en net na de pensioengerechtigde leeftijd biedt inzicht in de voorkeur van oudere pensioendeelnemers ten aanzien van hun pensioenuitkering, waaronder voor een eenmalige uitkering. Deelnemers konden in het onderzoek hun voorkeur aangeven voor drie uitkeringsmogelijkheden (zie figuur):

 

  1. een gelijkblijvende levenslange uitkering (annuïteit, de huidige standaarduitkering);
  2. een hogere en daarna een lagere levenslange uitkering (hoog-laagconstructie) ;
  3. en eenmalige uitkering op pensioendatum in combinatie met een levenslange lagere uitkering (laag-laagconstructie).
    De derde optie is in feite een variant op de hoog-laagconstructie. In dat geval zouden deelnemers ongeveer vijftien procent van het opgebouwde pensioenvermogen kunnen laten uitkeren.

 

Bijna een op drie voorkeur eenmalige uitkering
De resultaten tonen aan dat er substantiële behoefte is aan een eenmalige uitkering: dertig procent van de ondervraagden zou de eenmalige uitkering willen. Bovendien wil 26% van de ondervraagden een hoog-laagconstructie. De meerderheid heeft dus voorkeur voor een flexibele uitkering. Met name deelnemers met lagere pensioeninkomens, slechte gezondheidsstatus en met kinderen willen een eenmalige uitkering. Een eenmalige uitkering kan voorzien in de behoefte aan liquiditeit, voorzorgsmotieven, nalatenschap en zorgbehoeften. Bovendien kan het helpen de tevredenheid van deelnemers over hun pensioenuitkering te verhogen: deze keuze sluit beter aan op hun individuele voorkeuren en behoeften.

Eenmalige uitkering als variant op hoog-laagconstructie
De eenmalige uitkering kan binnen de huidige wettelijke kaders vormgeven als een variant op de hoog-laagconstructie. Het hoge minus het lage bedrag kan men dan eenmalig opnemen bij pensionering (actuarieel neutraal berekend): dit komt overeen met een eenmalige uitkering van ongeveer vijftien procent van het opgebouwde pensioenvermogen. De (lage) maandelijkse uitkering van de hoog-laagconstructie ligt op een maatschappelijk geaccepteerd niveau. Door het bedrag te beperken en alleen bij pensionering mogelijk te maken voorkomen we grote (selectie)risico’s. De combinatie van een annuïteit en liquiditeit geeft deelnemers meer mogelijkheden om hun pensioen aan te passen aan hun persoonlijke behoeften en situatie en biedt hun tegelijkertijd nog steeds een levenslange inkomensstroom.

Voor meer info : Merle Willemsen en Niels Kortleve, ‘Eenmalige pensioenuitkering voorziet in behoefte’, ESB, Jaargang 101 (4734) 12 mei 2016

Artikel delen of printen

klik op het icoon