• 18 sep 2020
  • Blog
  • Pensioen
Pensioenpremie

Variabele premie geeft beter pensioen

Een nieuw pensioencontract biedt kansen voor een beter pensioen, zoals gebruikmaken van een variabele premie om mee- en tegenvallers in de beleggingen op te vangen, schrijven Niels Kortleve, Floris van Loo en Rens van Gastel.
Niels Kortleve 480X480 Pggm

Niels Kortleve

Innovatiemanager
Bron: stageonderzoek Rens van Gastel, Universiteit Tilburg & PGGM

Met het pensioenakkoord is een nieuwe fase aangebroken waarin we de nieuwe pensioencontracten gaan vormgeven. In een onlangs gepubliceerd artikel in het NRC constateren Coen Teulings. Arnoud Boot en Paul de Beer dat een vaste premie suboptimaal is. Zij pleiten daarom voor een variabele premie. Eigen onderzoek binnen PGGM leidt ook tot de conclusie dat sturen met premie meerwaarde heeft. Met dit blog willen we daar meer duiding bij geven.

Vaste premie is suboptimaal
Een vaste premie biedt geen mogelijkheid om te reageren op mee- en tegenvallers, wat kan leiden tot een minder gunstig premie-inleg en pensioenresultaat. Stel dat de rendementen tegenvallen, dan spaart een deelnemer – bij een vaste premie – te weinig voor zijn pensioen en geeft hij nu te veel uit. Daardoor zal zijn pensioen beduidend lager zijn dan zijn inkomen tijdens zijn werkzame leven. Omgekeerd geldt dat, wanneer rendementen meevallen, deelnemers te veel premie betalen en dus tijdens hun werkzame leven minder luxe leven dan mogelijk is.

Variabele premie is welvaartsverhogend…
In ons onderzoek vinden we dat een variabele premie een welvaartswinst van 5,7% oplevert ten opzichte van een vaste premie. Dat is vergelijkbaar met 5,7 procent meer koopkracht voor een deelnemer door lagere premies en (of) een hoger pensioen. Dat is ongeveer twee keer zo hoog als de welvaartswinst die CPB vond voor risicodeling met toekomstige generaties. Een variabele premie kan dus heel veel welvaart opleveren.

… maar kan leiden tot grote premiefluctuaties
Een nadeel van een volledig vrije, variabele premie is dat enorme premiefluctuaties kunnen optreden: de spreiding van pensioenpremies wordt dan erg groot. Ons model laat zien dat premies zeer hoog kunnen worden, tot premiepercentages van 50%. De premies kunnen ook zeer laag, en zelfs negatief worden. In het laatste geval zou een werkende geld uit z’n pensioenpot mogen halen om nu al luxer te kunnen leven. Om dergelijke premiefluctuaties te voorkomen kunnen we werken met een bandbreedte voor de premie.

Kleine bandbreedte geeft al behoorlijke welvaartswinst
Het invoeren van een bandbreedte waarbinnen de premie kan fluctueren biedt de deelnemer al meer vrijheid om mee- en tegenvallers op te kunnen vangen dan bij een vaste premie. Zoals de grafiek laat zien, leidt een grotere bandbreedte tot grotere welvaart.

We zien dat er al best veel welvaartswinst te behalen valt met het hanteren van bescheiden bandbreedtes. Stel dat de basispremie 25% bedraagt. Dan kan een bandbreedte van 10 procentpunt – de premie ligt dan dus altijd tussen 20% en 30% – al leiden tot een welvaartswinst van ruim 2% ten opzichte van een vaste premie.

Conclusie
Ons onderzoek onderstreept het belang van de rol die een variabele premie in het nieuwe pensioencontract kan spelen. Ook bij een bescheiden bandbreedte van 5 tot 10 procentpunt kan men al een behoorlijke welvaartswinst halen en ongewenste premies voorkomen.

Een bijkomend voordeel van een variabele premie is dat ook het opheffen van de leenrestrictie interessanter wordt. Dat kan tot een aanvullende welvaartswinst leiden.

Naschrift
Naar aanleiding van dit blog plaatste NRC op vrijdag 18 september een artikel met als kop ‘Ook experts PGGM willen aanpassing pensioenakkoord’. Wij willen echter benadrukken dat een variabele premie wat ons betreft prima past binnen de scope van het pensioenakkoord en dat dit blog geen oproep is tot aanpassing van het pensioenakkoord.

Artikel delen of printen

klik op het icoon