• 10 jul 2015
  • Blog

De toekomst van het pensioenstelsel

​Het kabinet heeft de Hoofdlijnennota over de toekomst van het pensioenstelsel gepresenteerd. PGGM zet de belangrijkste punten op een rij in een Quick Scan.
Emmie Lewin 480X480 Pggm

Emmie Lewin

Bestuursadviseur
Dick Boeijen 480X480 Pggm

Dick Boeijen

Expert balansrisicomanager

​In de op 6 juli 2015 gepresenteerde Hoofdlijnennota schetst staatssecretaris Jetta Klijnsma (SZW) vier richtinggevende hoofdlijnen voor de toekomst van het pensioenstelsel. PGGM heeft een quick scan (pdf) gemaakt met daarin een samenvatting en eerste duiding van de voorstellen.

Onze afdronk
De toekomst van ons pensioenstelsel is een thema waar PGGM de laatste jaren een actieve bijdrage aan heeft geleverd. De sporen daarvan zijn op verschillende plekken terug te vinden in deze kabinetsvisie. PGGM ziet dezelfde trends en ontwikkelingen die noodzaken tot verandering. PGGM heeft ook nadrukkelijk gepleit voor het behoud van de waardevolle elementen van ons huidige pensioenstelsel, met name collectiviteit, solidariteit en verplichtstelling.

Keuzes maken
PGGM ondersteunt actief het kabinetsvoornemen om een synthese tussen de premieovereenkomst en uitkeringsovereenkomst te zoeken. Daarbinnen zal naar verwachting wel spanning ontstaan tussen maatwerk en flexibiliteit enerzijds en collectiviteit en risicodeling anderzijds. Meer van het ene betekent minder van het andere. Het kabinet geeft aan dat het deze keuze bij sociale partners laat, zodat het pensioenproduct maximaal toegesneden kan worden op de wensen en karakteristieken van het deelnemerscollectief. PGGM vindt decentrale keuzevrijheid verstandig, maar constateert wel dat het kabinet (met name in de bijlagen bij de Hoofdlijnennota) relatief veel nadruk legt op maatwerk en flexibiliteit.

De Hoofdlijnennota doet recht aan een breed scala aan inzichten en suggesties die de laatste tijd in het pensioendebat hoorbaar waren. PGGM constateert echter ook dat (mogelijk als gevolg daarvan) een aantal punten op gespannen voet met elkaar kan staan. Oftewel, het lijkt onvermijdelijk dat er (tot op zekere hoogte) keuzes gemaakt worden tussen de verschillende waarden die het kabinet nastreeft. Naast het hierboven beschreven voorbeeld van de relatie tussen risicodeling en maatwerk/flexibiliteit, gaat het hier ook om de relatie tussen eenvoud en keuzevrijheid. PGGM merkt hierbij op dat de beelden bij de begrippen eenvoud en transparantie van het kabinet verschillen van wat deelnemers blijkens onderzoek als eenvoudig ervaren. Daarnaast is het kabinet niet enthousiast over een pensioenplicht, maar neemt toch de stelselvariant ‘Keuzes binnen algemeen verplichte pensioenopbouw’ mee in de gedachtevorming.

Vervolgstappen
Het kabinet merkt op dat er nog veel punten nader uitgewerkt en ingevuld moeten worden en neemt daar ruim de tijd voor. Vanuit het oogpunt van zorgvuldigheid en draagvlak is dat een logische keuze, maar het betekent wel dat pensioenfondsen nog lange tijd te maken hebben met de geconstateerde knelpunten in de huidige pensioenovereenkomsten. PGGM kijkt daarom reikhalzend uit naar het werkprogramma dat de staatssecretaris dit najaar zal presenteren.

Lees meer in de QuickScan Hoofdlijnennota (pdf).

Artikel delen of printen

klik op het icoon